Zes op de vierde plaats betekent:

Hij fladdert omlaag, niet pochend op rijkdom,
Te samen met zijn naaste, argeloos en oprecht.


In tijden van wederkerig vertrouwen komen hooggeplaatste personen heel eenvoudig, en zonder zich op hun rijkdom te beroemen, in contact met lager geplaatsten. Ze worden daartoe niet door de omstandigheden gedwongen, het komt voort uit hun eigen innerlijke overtuiging. Zodoende geschiedt de toenadering geheel ongedwongen.