HET BEELD:


Hemel en aarde verenigen zich: het beeld van de Vrede.
Zo verdeelt en voltooit de heerser
De loop van hemel en aarde;
Hij bestuurt en ordent de gaven van hemel en aarde
En staat zo het volk bij.


Hemel en aarde verkeren met elkaar en verenigen hun werkingen. Dat geeft een periode van algemene bloei en voorspoed. Deze krachtstroom moet door de opperheer der mensen worden geregeld. Dat geschiedt door indeling. Zo wordt de eenvormige tijd overeenkomstig de verschijnselen die hij teweegbrengt door de mens in jaargetijden ingedeeld, en de ongedifferentieerde ruimte door menselijke bepalingen in windstreken onderscheiden. Op deze wijze wordt de natuur, met haar overweldigende overvloed van verschijnselen, begrensd en bedwongen. Aan de andere kant moet de natuur worden ondersteund bij haar voortbrengen. Dat geschiedt wanneer men de voortbrengselen aanpast aan de juiste tijd en de juiste plaats. Daardoor wordt de natuurlijke opbrengst verhoogd. Deze activiteit, die de natuur bedwingt en helpt, is het werken aan de natuur, dat de mens ten goede komt.