Bovenaan een negen betekent:

Steekt met de hals in de houten kraag
Zodat de oren verdwijnen.
Onheil!


In tegenstelling tot de beginlijn wijst deze laatste op iemand die onverbeterlijk is. Voor straf draagt hij de houten kraag. Maar zijn oren verdwijnen daarin. Hij luistert niet meer naar waarschuwingen, maar is er doof voor. Deze verstoktheid brengt onheil over hem.*


__________

*: Hierbij valt op te merken, dat er ook een uitleg is, die in combinatie 'boven het licht, d.w.z. de zon, beneden de beweging' een markt ziet. Met name een markt van etenswaren: het vlees stelt etenwaren voor. Goud en pijlen zijn handelsartikelen. Het verdwijnen van de neus wijst op het verdwijnen van de reuk, m.a.w. de betrokkene is niet begerig. Met vergif worden de gevaren van de rijkdom bedoeld enz.
Bij: 'In het begin een negen' merkt Confusius op:
De gemene schaamt zich niet voor liefdeloosheid en schuwt geen onrechtvaardigheid. Wanneer geen voordeel hem aanlokt, verroert hij zich niet. Wanneer hem geen vrees wordt aangejaagd, verbetert hij zich niet. Maar als hij in het kleine terechtgewezen wordt, neemt hij zich in grote acht. Dat is voor nietige mensen een geluk.
Bij: 'Bovenaan een negen' merkt Confusius op:
Wanneer het goede zich niet opstapelt, is het niet genoeg om iemand beroemd te maken. Wanneer het kwade zich niet opstapelt, is het niet sterk genoeg om iemand te vernietigen. Dus denkt de gemene: goed zijn in het klein heeft geen waarde; daarom laat hij het na. Hij denkt: kleine zonden doen geen kwaad; daarom leert hij ze niet af. Zo vermeerderen zich zijn zonden tot ze niet meer te bedekken zijn, en zijn schuld wordt zo groot, dat ze zich niet meer laat delgen.