Negen op de vierde plaats betekent:

Hij klimt op zijn muur, hij kan niet aangrijpen. Heil!


Hier nadert de verzoening na de onenigheid. Weliswaar zijn er nog scheidende muren, waarop men tegenover elkaar staat. Maar de moeilijkheden zijn te groot. Men geraakt in nood, en door de nood komt men tot bezinning. Men kan niet vechten, en juist daarop berust het heil.