HET BEELD:


Boven het meer is water:
Het beeld van de Beperking.
Zo schept de edele getal en maat,
En onderzoekt hij wat deugd en juiste levenswandel is.


Het meer is eindig; het water is onuitputtelijk. Het meer kan slechts een bepaald gedeelte van het oneindige water bevatten; dat geeft aan het meer zijn eigen aard. Door afzondering, door het stellen van grenzen, verkrijgt in het menselijk leven ook het individu zijn betekenis. Waar het hier dus om gaat is het probleem deze afzonderingen - in zekere zin de ruggegraat van de moraal - klaar en duidelijk te omlijnen. Onbeperkte mogelijkheden zijn niets voor de mens. Daardoor zou zijn leven slechts in het grenzeloze vervloeien. Om sterk te worden heeft men de beperking door de plicht nodig. Alleen door vrijwillig deze beperkingen op zich te nemen en zich uit eigen beweging te onderwerpen aan het gebod van de plicht verkrijgt de enkeling betekenis als vrije geest.