een geel vierkant dat aangeeft dat dit de constutuerende heer van het hexagram is Zes op de vierde plaats betekent:

De maan die bijna vol is.
Eén paard van het span gaat verloren.
Geen blaam.


Om de kracht van de innerlijke waarheid te vergroten moet men zich tot het hogere wenden om verlichting, zoals de maan die ontvangt van de zon. Daarbij moet men echter bezield zijn van een zekere deemoed, evenals de maan die nog niet geheel vol is. De maan, die als volle maan recht tegenover de zon gaat staan, begint meteen weer af te nemen. Terwijl men dus deemoedig en eerbiedig moet zijn tegenover de bron van verlichting moet men aan de andere kant afstand doen van menselijke partijschappen. Alleen wanneer men zijn eigen weg gaat, gelijk een paard dat rechtuit loopt zonder naar zijn spangenoot om te zien, behoudt men de innerlijke vrijheid die men nodig heeft om vooruit te komen.