Het hexagrammenboek:

Eerste afdeling:

1. het Scheppende

2. het Ontvangende

3. de Aanvangsmoeilijkheid

4. de Jeugddwaasheid

5. het Wachten (de Voeding)

6. de Strijd

7. het Leger

8. de Aaneengeslotenheid

9. de Temmende Kracht van het Kleine

10. het Optreden

11. de Vrede

12. de Stilstand

13. Gemeenschap met Mensen

14. het Bezit van het Grote

15. de Bescheidenheid

16. de Geestdrift

17. het Navolgen

18. het Werk aan het Bedorvene

19. de Toenadering

20. de Beschouwing (de Aanblik)

21. het Doorbijten

22. de Bekoorlijkheid

23. de Versplintering

24. de Terugkeer (het Keerpunt)

25. de Onschuld (het Onverwachte)

26. de Temmende Kracht van het Grote

27. de Mondhoeken (de Voeding)

28. het Overwicht van het Grote

29. het Onpeilbare (het Water)

30. het Zich-Hechtende, het Vuur

Tweede afdeling:

31. de Inwerking (het Hofmaken)

32. de Duurzaamheid

33. de Terugtocht

34. de Macht van het Grote

35. de Vooruitgang

36. de Verduistering van het Licht

37. het Gezin (de 'Clan')

38. de Tegenstelling

39. de Hindernis

40. de Bevrijding

41. de Vermindering

42. de Vermeerdering

43. de Doorbraak (de Vastberadenheid)

44. het Tegemoetkomen

45. het Verzamelen

46. het Omhoogdringen

47. de Benauwenis (de Uitputting)

48. de Waterput

49. de Omwenteling (het Ruien)

50. de Spijspot

51. het Opwindende (de Schok, de Donder)

52. het Stilhouden, de Berg

53. de Ontwikkeling (Geleidelijke Vooruitgang)

54. het Huwende Meisje

55. de Volheid

56. de Zwerver

57. het Zachtmoedige (het Indringende, de Wind)

58. het Blijmoedige, het Meer

59. de Oplossing

60. de Beperking

61. Innerlijke Waarheid

62. het Overwicht van het Kleine

63. Na de Voleinding

64. Voor de Voleinding